De electronische Catechismus: Juli 1999

Liefde en liefdadigheid

Archiv
Het wonder





Actualite





Aide

email

 

Het team dat aan deze catechismus werkt biedt u elke maand twee teksten aan. Suggesties om deze teksten te verbeteren worden met dank aanvaard. We zouden deze catechismus graag zien groeien als iets waaraan we samen bouwen.
Voorstellen voor nieuwe onderwerpen zijn ook altijd welkom.


LIEFDE EN LIEFDADIGHEID

Het woord 'liefdadigheid' heeft een slechte reputatie. Doorheen de eeuwen is er sleet gekomen op het woord. 'Liefdadigheid' is voor velen iets van vroeger. Op betogingen zie je soms op spandoeken staan: "We willen geen liefdadigheid - we eisen gerechtigheid". Liefdadigheid wordt dan verstaan als 'zich neerbuigen over', heeft te maken met gevoelens van medelijden. Er zijn nu eenmaal arme mensen. Men buigt zich neer over hen. Men geeft hen kruimels om het eigen geweten te sussen. Zo verzorgt men de wonden, maar de miserie houdt men in stand, aangezien men de oorzaken ongemoeid laat.
Gerechtigheid daarentegen betekent: eerbied vragen voor iemands rechten, en strijden tegen de oorzaken van het onrecht.

De publieke opinie vindt het niet nodig dat het woord 'liefdadigheid' van onder het stof wordt gehaald. Ze heeft een ander woord in de mond genomen, een woord dat het goed doet en waarvan het voordeel is dat het geen religieuze bijklank heeft: het woord 'solidariteit'. Dit woord onderstreept het horizontale aspect in de relaties, los van de groep, de cultuur of het geloof waartoe men behoort. Met 'solidariteit' mikt men op een fundamentele gelijkheid in de rechten van de mensen. Er bestaat natuurlijk ook een solidariteit in het kwaad, maar in de gewone taal klinkt het woord positief. Het verwijst naar alles wat mensen doen om grenzen te overstijgen.

Het Franse woord 'charité' betekent zowel liefde als naastenliefde en liefdadigheid. Eigenlijk is dit eerste betekenis: de liefde die in God is.

God is liefde. Deze liefde is in ons hart uitgestort en van daaruit kan ze naar de anderen doorstromen. Die (naasten-)liefde màken wij niet, we ontvangen haar. Ze vindt haar oorsprong in God. Daarom zegt Johannes: "Wie liefheeft, is uit God geboren." Hierin zit het verticale aspect van de liefde, het aspect dat de band met God uitdrukt. Vandaar ook het belang van Jezus' gebod: "Heb elkander lief, zoals ik jullie heb liefgehad." Hieraan moet men de christenen kunnen herkennen.

De liefde kent geen grenzen. Ze wordt voortdurend uitgedaagd om verder te groeien. Zij is ook vindingrijk, heeft geduld, is in staat om moeilijkheden te overwinnen en veel pijn te verdragen. Ze kan alles aan, als ze doordrongen is van het teken van het kruis.

"Een grotere liefde kan iemand niet hebben dan deze: dat hij zijn leven geeft voor hen die hij liefheeft." (Jezus)
"Wij weten dat wij van de dood naar het leven zijn overgegaan als we onze broeders liefhebben." (Johannes)
Top





Actualite





Aide

email

 

HET WONDER

Een 'wonder' is in het gewone taalgebruik zelden uit de lucht. De uitslag van de Mondial in Frankrijk verleden jaar (nvdr: Frankrijk wón het wereldkampioenschap voetbal in eigen land!). is voor vele jongeren nog altijd een 'wonder' Gebeurt er iets dat men nooit had durven hopen, iets wat nooit eerder gebeurde, dan spreekt men al vlug van een 'wonder'.

Het is goed dit te zien. We horen in deze manier van spreken een echo van het menselijk verlangen om zich niet te laten opsluiten in een wereld van techniek, waarin alles zou voorspelbaar zijn. De wereld is méér dan dat! En in een mensenleven gebeuren veel onverklaarbare dingen.

We spreken ook graag van het 'wonder van de liefde'. Van iemand houden en zelf bemind worden - dat is een bron van kracht, dat geeft nieuwe perspectieven. Als alles goed lijkt te gaan, of als alles verkeerd loopt - weten dat iemand van ons houdt geeft ons altijd vleugels! Wat onmogelijk leek, wordt mogelijk. Omdat er iemand is in wiens ogen ik belangrijk ben!

Zo krijgt ons leven zin en betekenis. Het wordt opengetrokken, open voor een onbekende toekomst. Dat betekent natuurlijk niet dat we passief moeten zitten afwachten. We moeten de verantwoordelijkheid voor ons leven op ons nemen, dat is altijd van belang. Het 'wonder' ontslaat ons niet van onze verantwoordelijkheid. Dat zou pas pervers zijn! Op die manier van een wonder spreken zou helemààl fout zijn.

Het woord 'wonder' is zijn religieuze betekenis kwijt. Het is gaan behoren tot ons alledaags taalgebruik. Toch is het ook zinvol na te gaan welke betekenis het woord 'wonder' had bij Jezus en in de oudste christelijke traditie.

In de Kerk wijst het woord 'wonder' naar God, en naar Jezus. Op een bepaalde bladzijde in het evangelie staat de zending van Jezus heel precies beschreven: "Johannes had in de gevangenis horen vertellen van alles wat Christus deed. Hij stuurde leerlingen op hem af met de vraag: 'Ben jij diegene die komen zou, of moeten wij een ander verwachten?' Jezus gaf hun ten antwoord: "Ga bij Johannes verslag uitbrengen van wat jullie horen en zien: blinden kunnen weer zien, kreupelen kunnen weer gaan, melaatsen worden gereinigd en doven horen, doden staan op en aan de armen wordt Goed Nieuws gebracht". Het wonder is tegelijk een oproep, een uitnodiging. Het bestaat hierin, dat mensen dingen doen waartoe ze zichzelf nooit in staat achtten. In Jezus is de liefde op zo'n overdadige manier aanwezig, dat elkeen ertoe komt het beste in zichzelf te mobiliseren.

Daarom zegt men ook dat Jezus zélf het wonder bij uitstek is: zijn leven, zijn dood en verrijzenis. Hoe kun je verklaren dat niet aan alles een einde kwam met de dood van Jezus? Hoe verklaar je dat er mensen zijn die zo in Jezus geloven, dat ze in zijn leven een manier zoeken om vrij en gelukkig te zijn? Die zich niet neerleggen bij de uitsluiting waarvan ze het slachtoffer zijn, en die vanuit de moeilijkheden die hen overkomen zelf geschiedenis schrijven?

Er zijn mensen die er niet in slagen te geloven in wonderen zoals het evangelie die beschrijft, of zoals in Lourdes. Wie alleen maar uitkijkt om iets buitengewoons te zien, iets wat nooit eerder gezien werd, die riskeert nooit oog te hebben voor de wonderen in het leven van elke dag. Daardoor kunnen sommigen ook zeggen dat ze nog nooit een wonder hebben gezien.
Essentieel, echt 'wonderlijk', is het wanneer we - bij alles wat ons overkomt, en ook als anderen dat in vraag stellen - in staat blijven ons vertrouwen te stellen op Jezus. Een 'wonder' is het, dat Jezus voor ons iemand is die lééft, en ons vraagt: "En gij - wie zegt gij dat ik ben?"
Top






Actualite





Aide

email

 

Archiv :



Top